Een voorbeeld.

Kencom project

Bron: Vereniging Philadelphia Dit artikel is gepubliceerd in Plein, 2001 (43) 5 (sept./okt.), pag. 8-10

Speelgoed of ontwikkelingsmateriaal
Van speelgoed naar ontwikkelingsmateriaal: Kinderen van It Kampke vechten om de computer Een computer in het kinderdagcentrum? Waar menig oudere terugschrikt voor de moderne high-tech apparaten uit angst om iets verkeerd te doen, wordt door de bezoekers van kinderdagcentrum It Kampke in Leeuwarden soms bijna gevochten om achter het scherm te mogen zitten. "Het mes snijdt aan meer dan twee kanten", zegt groepsleider Fokke Miedema enthousiast. "De computer is van speelgoed ontwikkelingsmateriaal geworden".
Het idee om wat met computers te doen voor kinderen met een verstandelijke handicap rees al een jaar of vijf geleden, maar pas sinds ruim anderhalf jaar staan ze er. Het initiatief werd in eerste instantie door Henk Deinema, hoofd van It Kampke, genomen. Tevens werd een van de ouders, Hans Biemans, erbij betrokken. Hij had ervaring doordat hij z'n eigen computer door zijn kind liet gebruiken. Het bleek een probleem om geld los te krijgen voor de apparatuur, maar gelukkig kreeg het kinderdagcentrum in het begin een computer van een kaatsvereniging. Deze kon echter alleen gebruikt worden door kinderen die met de muis overweg konden. Het programma van de computer liep regelmatig vast en tenslotte stond de computer meer uit dan aan of werd gebruikt om verslagen te maken. "De gemiddelde groepsleider weet hoe het ding aan en uit moet en niet meer", aldus Fokke Miedema. "Het idee was leuk, de uitvoering niet zo eenvoudig.”
Vorig jaar kwam er eindelijk geld voor nieuwe computers. Momenteel zijn er vijf in Leeuwarden en een in de dependance van It Kampke, It Lytshus in Dokkum (deze zesde kon worden aangeschaft dankzij schenkingen). Beide centra - met samen 60 a 70 kinderen - maken deel uit van de stichting Heechhout Kaai, welke in Friesland een netwerk aan voorzieningen voor verstandelijk gehandicapten beheert.
Het is in het kinderdagcentrum een speciaal project geworden met een vier man sterke begeleidingsgroep, waarin Fokke Miedema, Henk Deinema, Hans Biemans en Auke Sikma als deskundige adviseur zitten. Miedema is drie dagen in de week op de groep en de rest van de tijd bezig met systeembeheer, bijhouden van verslagen, onderzoek en het presenteren van het project in het land. Er is onder meer belangstelling in Noord-Holland. Daar hebben ouders inmiddels ook het initiatief genomen tot de aanschaf van een computer. Makkelijk apparaat
De taak van de begeleidingsgroep is ‘de computer en de gebruiker bij elkaar brengen’. Het gaat er dan vooral om uit te zoeken wat de mogelijkheden zijn. "We richten ons op het niveau van de kinderen. We moeten iets ontwikkelen dat stabiel draait, het mag niet vastlopen. Uiteindelijk zijn we terechtgekomen bij de Macintosh; die is kleurrijk, heeft weinig snoeren, is makkelijk verplaatsbaar en neemt weinig ruimte in. We hebben geen printer nodig of een scanner of andere toeters en bellen.” De computers komen speciaal uit Amerika. Aanvankelijk was er een levertijd van een half jaar. Er waren eerst ook wat problemen, zoals een lade voor de cd-rom die spontaan naar buiten kwam. Overigens is het een gewone computer, compleet met toetsenbord, maar met een aangepast scherm, een zogenaamd 'touch screen', dat je moet aanraken. Dit in de plaats van de muis. Een muis is voor het gros van de Kampke-kinderen te moeilijk. Tachtig procent heeft het scherm echt nodig, schat Miedema. De moeilijkheid voor deze kinderen is dat ze niet de link kunnen leggen tussen de muisklik en wat er op het scherm gebeurt. Daarbij komt nog dat er veelal motorische beperkingen zijn. Voor motorisch gehandicapten is speciale programmatuur nodig. Afgezien van de kosten is er eigenlijk maar een beperking en dat is de programmeerkunst, zegt Miedema. Het gaat om kennis van de doelgroep en van de computer. Het eerste is het voornaamste.
De apparaten zijn zo geprogrammeerd dat er altijd hetzelfde gebeurt. Dat is vooral van belang voor autistische kinderen, die moeten structuur hebben. Als er wat mis gaat, door een technische storing bijvoorbeeld, zie je snel paniek. "Dan balen ze, maar dat heb je evengoed met ander speelgoed.
Alle programma's hebben een eigen pictogram. Er zijn rustige en meer interactieve. Er moet goed op gelet worden dat ze aansluiten op het niveau van de kinderen. "Het hele begeleidingsplan van de kinderen komt erbij kijken", aldus Miedema.
De programma's (op cd-rom) worden gewoon in de winkel gekocht. It Kampke heeft al een aardige bibliotheek opgebouwd en daarin een rangorde aangebracht: met een, twee of drie sterren. Er is een kind dat spelenderwijs letters en cijfers leert en nu al zo ver is dat het weet, wanneer er een bal op het scherm is, dat er tussen de "b" en de "l" een "a" hoort.
De kleine computeraars kunnen zo een half uur achter het ‘veredelde speelgoed’ zitten en zo wat leren. Zo'n 80 tot 90 procent van de bezoekers zit er regelmatig achter. Ze steken elkaar aan. Ze willen het zelf ook proberen wanneer ze zien dat andere kinderen er mee spelen. Eigenlijk is maar een klein deel niet geïnteresseerd. Het hangt wel een beetje van het enthousiasme van de groepsleiding af hoe intensief er gecomputerd wordt, aldus Miedema. "Het is een kwestie van aanzetten en je hebt er geen omkijken meer naar.” Primeur voor It Kampke
It Kampke is nu nog het enige kinderdagcentrum dat op deze manier met computers werkt. De bedoeling is dat van de vijf apparaten in Leeuwarden er drie worden afgestaan aan de andere drie kinderdagcentra in Friesland, namelijk It Mearke in Bolsward, It Bijehûs in Drachten en Us Greide in Heerenveen. De computers kosten circa ƒ 7500,- per stuk. Er zijn voor It Kampke mogelijkheden tot financiering, bijvoorbeeld subsidie van de provincie of fondsen. Maar je moet wat kapitaalkrachtig zijn, aldus Miedema. Door het touch screen is het apparaat zo'n ƒ 2500,- tot ƒ 3000,- duurder. Hij hoopt dat de stichting waar de kinderdagcentra deel van uit maken er meer geld in wil steken. Eigenlijk zouden er nog zo'n twintig apparaten bij moeten, voor de hele provincie, vindt hij.
En hoe reageren de ouders? Miedema: "Wij merken dat ze belangstelling hebben en er positief tegenover staan. Ze zien dat hun kinderen vorderingen maken. Dat ze bepaalde klanken of woorden gebruiken die ze voorheen niet kenden. De plaatjes en de daarbij horende geluiden zijn herkenbaar en op een gegeven moment valt dat bij elkaar. Het is net een domino-effect: stap voor stap opbouwen en pas na een aantal maanden zie je de steentjes achter elkaar vallen; dan is er resultaat en kun je zeggen dat een kind vooruit is gegaan.” Het personeel was eerst wel eens wat sceptisch, maar is nu enthousiast. Ze zien nu dat kinderen assertiever worden.
Het project heeft een site op Internet: www.kencom.nl - kenniscentrum computers en mensen met een verstandelijke handicap. "De site wordt over de hele wereld bekeken", vertelt Miedema trots. Hij krijgt regelmatig verzoeken om informatie en heeft zelfs een computerblad van Macintosh gehaald. "Die mensen stonden versteld toen ze kwamen kijken. Het is gewoon ook heel mooi om te zien hoe de kinderen erachter zitten en plezier hebben. Ze verschillen niet van andere kinderen, ze zijn even snel verslaafd.”

Terug